Historie woningmarkt

De politiek heeft zich altijd bemoeid met de woningmarkt. In de periode van de wederopbouw na de tweede wereldoorlog moest er volop gebouwd worden. De woningvoorraad  groeide vanaf 1950 van 2,2 miljoen woningen tot 7,2 miljoen in 2011. Het eigen woningbezit werd volop gestimuleerd en steeg in deze periode van 26%  naar 60%. Verschillen per gemeente zijn er wel. In de grote steden zoals Amsterdam en Rotterdam bedraagt het eigen woningbezit niet meer dan 25 en 30%, in kleinere gemeenten op het platteland loopt het eigen woningbezit op tot boven de 80%. Lees het volledige artikel in de bijlage.

10 mythen en feiten woningmarkt

1. De woningmarkt bestaat niet
2. Nederland gaat gebukt onder grote hypotheekschuld
3. Huizenprijzen Nederland lopen uit de pas
4. Financiële risico’s huiseigenaren veel te groot
5. Nederland gaat failliet aan hypotheekrenteaftrek
6. Woningmarkt is doodziek
7. Vraag en aanbod regeren de woningmarkt
8. Huizenprijzen zijn ingestort en dalen nog veel verder
9. Verlaging overdrachtsbelasting zinloos
10. Nederlanders willen af van de hypotheekrenteaftrek.

Nu de woningmarkt het moeilijk heeft vanwege de economische crisis, wordt plotseling de beperking van de hypotheekrenteaftrek uit de hoge hoed getoverd als oplossing voor alle problemen. De oorzaak van het probleem is helder en ligt niet in de woningmarkt zelf. De oplossing zou dan ook moeten liggen in het aanpakken van het probleem, niet zozeer in bestrijding van symptomen. Als de overheid gaat hervormen, betekent dat doorgaans dat er wat met kosten en baten geschoven gaat worden en altijd met de bedoeling om te bezuinigen, oftewel een deel van de burgers op te zadelen met hogere lasten. Als uitleg en motief worden dan de meest fraaie fabeltjes of mythen aangehaald om het volk te overtuigen van de goede bedoelingen. Hieronder een overzicht van de 10 grootste mythen die de woningmarkt beheersen. Fabels die alleen maar met harde feiten en waarheden kunnen worden bestreden. Lees het volledig artikel in de bijlage. 

Problemen woningmarkt eenvoudig op te lossen

De woningmarkt zit op slot en de discussie over beperking van de hypotheekrenteaftrek woedt hevig. Volgens Leo van de Pas, directeur van Woningmarktcijfers.nl, zijn de problemen met enkele simpele ingrepen snel op te lossen. Door de economische crisis en de sombere berichten in de media laat de huizenkoper het momenteel afweten. Vanwege onzekerheid over mogelijk verder dalende huizenprijzen en beperking van de hypotheekrenteaftrek komt de consument niet van zijn plek. Het gevolg is een matig presterende woningmarkt met tientallen miljarden verlies voor onze economie. Het consumentenvertrouwen kan snel hersteld worden als door de overheid duidelijkheid en zekerheid voor de komende jaren wordt geboden. Lees het volledige bericht in de bijlage PDF

2012 problemen woningmarkt eenvoudig op te lossen

Woningmarkt wordt te negatief belicht

De woningmarkt heeft het als gevolg van de naweeën van de economische crisis nog steeds moeilijk, dat valt niet te ontkennen. De aanscherping van de leenquote begin dit jaar deed er een extra schepje bovenop. De lagere inkomensgroepen (veelal  starters) konden plotseling tot  € 30.000 minder financieren. De verlaagde overdrachtsbelasting per 1 juli 2011 heeft zeker voor extra transacties gezorgd, maar kon de verlaagde leenquote niet voldoende compenseren.  Naast deze zogenaamde “harde factoren”zijn het vooral  de meer “zachtere factoren”, zoals trends en opinies,  die het consumentenvertrouwen bepalen. Dit laatste wordt gevoed door berichten van het CBS en het Kadaster, economen en maatschappelijke organisaties en de manier waarop de media hiermee omspringen. Zo bezien lijkt het een koud kunstje om de woningmarkt het graf in te prijzen en dat gebeurt dan ook met grote regelmaat. Positieve berichten scoren vrijwel niet. Het algemene belang, de economie en de werkgelegenheid in de sector boeien kennelijk evenmin. De woningmarkt verdient beter.  Gevolg van dit alles: een daling in bijdragen van de woningmarkt aan de Nederlandse economie van 100 miljard, een daling van de waarde van alle woningen met 150 miljard, en vermoedelijk eenzelfde daling van de waarde van overig vastgoed. Lees het volledige bericht met grafieken in de PDF bijlage

2012 woningmarkt te negatief belicht

Woningmarkt, waar ga je naar toe?

De sombere berichten over de Nederlandse woningmarkt blijven maar aanhouden. De indexcijfers van het CBS zijn voortdurend negatief, dit in tegenstelling tot de absolute prijsontwikkeling. Voorspellingen van bankeconomen idem dito. Ondanks het feit dat deze mensen hiervoor hebben doorgeleerd, komt er doorgaans weinig van deze voorspellingen terecht. Het meest opzienbarend was een voorspelling van een ABN Amro econoom die halverwege 2006 voorspelde dat de woningprijzen met 4% zouden dalen, terwijl de prijzen op dat moment al met 4% waren gestegen. Eind 2008 voorspelden economen van de Rabobank een stabiele prijsontwikkeling voor 2009, het werd een daling van 6,5%. Begin 2011 voorziet dezelfde bank voor 2011 een daling van 2,5%, in november werd deze bijgesteld naar +1,5%. Bij andere banken en wetenschappelijke bureaus is het niet anders, het kan verkeren.

Voor de media zijn dit prachtige inkoppers, analyses worden bij voorkeur aangedikt. De consument raakt van slag, wacht af en het consumentenvertrouwen koerst naar beneden. Natuurlijk is de crisis een hard gegeven, evenals het feit dat sommigen vorig jaar plotsklaps minder konden lenen. Een geringe correctie mag dan ook geen verwondering wekken. De hapering in de woningmarkt is echter vele malen groter dan op basis van argumenten kan worden aangenomen, niet zo zeer de woningprijs, maar wel in de daling van het aantal transacties. Per saldo leverde dit voor onze nationale economie een negatief resultaat op van naar schatting 100 miljard aan belastinginkomsten en werkgelegenheidseffecten.

In 2011 bleef de woningmarkt tot en met het derde kwartaal behoorlijk op peil, pas in het vierde kwartaal zakte prijzen en transacties verder in. De discussie over beperking van de hypotheekrenteaftrek was dan al losgebarsten. Pas aangetreden directeuren van de AFM en DNB mengen zich in de strijd, evenals (oud) politici. Het lijkt er zo langzamerhand op dat niet meer de vraag centraal staat óf de hypotheekrenteaftrek beperkt moet worden, maar meer de vraag wanneer en hoe? De hypotheekrenteaftrek is absoluut niet verantwoordelijk voor de malaise op de huizenmarkt. In de meeste voorstellen gaat het om een ordinaire bezuinigingsmaatregel, die onherroepelijk zal leiden tot minder gezinsconsumptie met gevolgen voor de economie. Niets hoor je over praktische oplossingen en besparingen op uitvoeringskosten bij de overheid. In plaats daarvan worden sprookjes verteld over te hoge huizenprijzen, te hoge hypotheekschulden en zogenaamde onverantwoorde risico’s voor de eigenwoningbezitter. Tja, als we zo door blijven praten en doemdenken creëren we inderdaad de kans dat het nog gaat uitkomen ook. Het wordt de hoogste tijd dat de onheilsprofeten de mond wordt gesnoerd.