Bouwkundige gebreken kunnen je woongenot flink verpesten

Bouwkundige gebreken kunnen je woongenot flink verpesten

Kijk je ook wel eens naar tv programma’s zoals “ik vertrek” waar je kunt genieten (en vaak ook wel moet huilen) van mensen die met weinig kennis van zaken een huis kopen in het buitenland. Meestal moet er nog het nodige geklust worden en dan voel je “gezien het beschikbare budget” de bui al hangen. Werklui die niet komen opdagen, prijzen die de pan uitrijzen, vergunningen die ontbreken, kortom tegenvaller op tegenvaller.

Maar ook in Nederland doen deze situaties zich voor. Ja, bouwkundige gebreken kunnen je woongenot flink verstieren. Hoe deze te voorkomen? Bestaande woningen worden meestal verkocht in de toestand waarin deze zich op het moment van de verkoop bevinden. De verkoper en de makelaar hebben een mededelingsplicht m.b.t. feiten en omstandigheden die de woning betreffen en de koper een onderzoeksplicht.

Blindelings kopen en achteraf klagen over gebreken zal op weinig steun bij een rechter kunnen rekenen. Niettemin worden regelmatig procedures gevoerd, meestal ingezet door de koper, omdat deze achteraf (bouw)technische mankementen heeft ontdekt. Er is namelijk een soort wettelijke garantie die zegt dat het verkochte wel geschikt moet zijn voor het doel waarvoor het is gekocht. Koop je een woning dan moet deze dus geschikt zijn om te bewonen. Als er achteraf bouwkundige gebreken naar voren komen bijvoorbeeld aan fundering, beton- of houtrot, riolering of installaties die gevaar kunnen opleveren, dan voldoet de woning dus niet aan deze wettelijke eis. In dit geval kun je proberen verhaal te halen bij de verkoper. Bij oudere woningen nemen makelaars regelmatig een zogenaamde ouderdomsclausule op. Als koper verklaar je dan te begrijpen dat het een oude woning betreft die wellicht op een aantal punten niet meer aan de huidige eisen voldoet. Hiermee kan de aansprakelijkheid van de verkoper worden beperkt. 

Voorkomen is beter dan genezen

Als je een bestaande woning koopt kun je met een bouwkundige keuring veel boven tafel krijgen, maar ook niet alles. Wat te denken van de fundering die onder de grond zit, houten vloeren die van de onderkant niet te inspecteren zijn, etc. Een cv- ketel kan qua leeftijd nog oké zijn, maar een paar maanden na de koop plotseling de geest geven. Niet elk risico is dus uit te sluiten. Als aankoopmakelaar probeer je de risico’s voor kopers zoveel mogelijk te beperken.  

Kopers van bestaande woningen betaalden in 2024 gemiddeld € 450.000 voor hun woning

Na een prijsdaling in 2023 stegen de prijzen in 2024 opnieuw en wel met gemiddeld 8,3% voor Nederland. Sinds 2014 zijn de woningprijzen in Nederland verdubbeld, dit na een aantal roerige crisisjaren in de periode 2009-2013.

De gemiddelde koopsom per provincie loopt flink uiteen, van gemiddeld € 340.000 in Groningen tot maar liefst € 545.000 in Noord-Holland.

Niet alleen het prijsniveau per provincie verschilt sterk, met de prijsontwikkeling is dit eveneens het geval. Zeeland moet zich tevreden stellen met een stijging van 5%, terwijl in Utrecht sprake is van het dubbele percentage, ruim 10%.

Het Kadaster is in 1993 gestart met het publiceren van cijfers m.b.t. de woningmarkt. We kunnen dus ruim 30 jaar terugkijken. We zien dan dat Limburg fors achterblijft in de prijsontwikkeling, terwijl Friesland en Noord-Holland de hoogste scores leveren.

Het aantal woningtransacties kwam in 2024 voor Nederland uit op 203.555 stuks. De toename is 11,6% en volgt op een daling van de transacties in de voorgaande jaren. De jaaromzet is nog ver verwijderd van de topjaren 2017-2021.

Het aantal woningtransacties varieert uiteraard afhankelijk van de omvang van het aantal woningen en inwoners per provincie. De aantallen in Zeeland, Flevoland en Drenthe zijn bescheiden, terwijl Noord Brabant, Noord-Holland en Zuid-Holland de hoogste cijfers scoren.

In vergelijking met 2023 zien we dat het aantal transacties in elke provincie is toegenomen. De geringe stijging in de provincie Utrecht valt op, terwijl In Noord-Holland het aantal transacties spectaculair is toegenomen.

Tenslotte kijken we naar de mutatiegraad. De mutatiegraad geeft aan welk percentage van de koopwoningvoorraad van eigenaar wisselt. In 2024 kwam dit percentage voor Nederland uit op 4,3%. Sommige provincies scoren hoger dan het gemiddelde, Noord Holland zelfs met 5,3%. Andere provincies komen lager uit, de laagste score is voor  Limburg met 3,6%. In het topjaar 2017, lag de mutatiegraad voor Nederland boven de 5%.

Veel factoren bepalen de ontwikkelingen op de woningmarkt. Hieronder ziet u een overzicht. De mate van invloed varieert per factor, hierdoor is het lastig om toekomstige ontwikkelingen nauwkeurig te voorspellen. Veel partijen zoals banken e.d. hebben hiertoe pogingen gedaan, veelal met wisselend succes.   

©2025 – Leo van de Pas, leo@vandepas.nl, 06-53368404

Prijs koopwoning stijgt in 2024 met 9,3% naar ruim € 450.000!

Kopers van woningen hebben in 2024 gemiddeld € 450.700 voor hun koophuis betaald. Dit is een stijging van 9,3% ten opzichte van de woningprijs in 2023. In de eerste maanden van 2024 werd nog zo’n € 430.000 gemiddeld betaald, de laatste maanden tussen de € 450.000 en € 460.000. In 2023 daalde de gemiddelde verkoopprijs, na jaren van stijgingen, met 3,8%.

Het aantal verkochte woningen in 2024 op basis de CBS/Kadastergegevens steeg met 11,6% naar 203.555 woningen. In 2017 werden bijna 242.000 woningen verkocht, aantallen die de jaren daarna niet meer werden gehaald. De stijging van dit jaar lijkt mede een gevolg te zijn van wijzigingen in het fiscale stelsel, waardoor beleggers meer huurwoningen hebben verkocht. De verwachting is ook dat dit een prijsdrukkend effect heeft gehad op de ontwikkeling van de gemiddelde woningprijs.  

Huizenprijzen in tien jaar tijd verdubbeld

In 2014 betaalden kopers gemiddeld € 222.000 voor een bestaande koopwoning. In de eerste 8 maanden van 2024 werd gemiddeld € 444.000 voor een eigen huis betaald, exact 100% meer dan in 2014. Aan de prijsstijging lijkt voorlopig nog geen einde te komen. In de recente maand augustus werd maar liefst € 466.000 gemiddeld betaald, een absoluut hoogterecord aller tijden. In vergelijking met 2023 bedraagt de prijsstijging op dit moment 7,6%. In 2023 daalde de gemiddelde koopsom op jaarbasis met 3,6%, voor eerdere prijsdalingen moeten we meer dan 10 jaar terug.

Eveneens stijging aantal woningtransacties

In de eerste 8 maanden van 2024 werden 128.500 woningtransacties geregistreerd, 11% meer dan vorig jaar in deze maanden. Op basis hiervan verwachten we dit jaar een transactietotaal van ca. 205.000, royaal meer dan de twee voorgaande jaren, maar nog altijd 10 tot 20% minder dan in de topjaren 2017 t/m 2021. 

De m2 prijzen van koopwoningen, wat koop je ervoor?

De m2 prijzen van koopwoningen, wat koop je ervoor?

Wanneer een woning te koop wordt aangeboden op Funda, wordt naast de vraagprijs en veel andere informatie ook de vraagprijs per m2 aangegeven. De NVM gebruikt deze data onder andere in de kwartaalrapportages om de woningmarkt in beeld te brengen.

Hoe wordt de m2 prijs bepaald? Dat is heel simpel: de vraagprijs wordt gedeeld door het aantal m2 woonoppervlakte. Het idee hierachter is natuurlijk om woningen en hun prijzen gemakkelijk te kunnen vergelijken. Heb je als woningzoekende hier iets aan? Nee nauwelijks, want de rekenmethode rammelt aan alle kanten. Het is alsof je de autoprijzen vergelijkt op basis van de cilinderinhoud.

Zo speelt de oppervlakte van het grondperceel in de berekening geen enkele rol, overige ruimtes al evenmin. Garages, bergingen, kelders, zolders vertegenwoordigen natuurlijk ook een bepaalde waarde, maar deze komen nergens tot uitdrukking.

Rekenvoorbeeld: Woning A heeft een woonoppervlakte van 100 m2 en een perceel oppervlakte van 250 m2. De vraagprijs van de woning is € 300.000 ofwel volgens Funda € 3.000 per m2. Wanneer je in deze situatie de grondwaarde (€ 75.000) in mindering zou brengen, zou de m2 prijs van de woning uitkomen op € 225.000 : 100 oftewel € 2.250 per m2. Een afwijking van 25%.  

Een paar huizen verder ligt woning B, exacte dezelfde woning als woning A, echter nu met 500 m2 grondoppervlakte. Ook is een garage/berging van 30 m2 aangebouwd. De vraagprijs van deze woning is € 400.000. Volgens de rekenmethode van de NVM/Funda is de vraagprijs per m2 hier € 4.000.  Volgens onze methode trekken we de grondwaarde (nu geschat op € 140.000) van de vraagprijs af en komt de waarde van de opstallen uit op € 260.000.  De m2 van de garage/berging waarderen we op 50%, zodat wij de rekenoppervlakte vaststellen op 115 m2. € 260.000 gedeeld door 115 maakt € 2.260 per m2, vrijwel exact gelijk aan onze berekening in voorbeeld A. De afwijking tussen deze m2 prijs en de € 4.000 van NVM/Funda bedraagt nu 43%.

NB. De waardering van de overige ruimtes kan in onze methode, afhankelijk van kwaliteit en gebruiksmogelijkheden, variëren van 25 tot 75%.    

Een ander voorbeeld: In Maastricht wordt een landhuis aangeboden voor ca. 1 miljoen. De woonoppervlakte bedraagt 140 m2, ofwel € 7.140 per m2. Er ligt meer dan 1000 m2 grond bij welke wij waarderen op € 375.000. We zien op basis van 50% waardering, 30 m2 aan overige ruimtes. Onze m2 prijs zou in dit geval uitkomen op € 3.676 per m2 (= € 625.000 : 170 m2). Een verschil van bijna 50%.

Hoe is de situatie bij appartementen? Bij appartementen geeft het systeem van NVM/Funda minder afwijkingen. Er blijven kleine verschillen bestaan omdat bijvoorbeeld balkons, dakterrassen, parkeerplaatsen buiten of in parkeergarage van invloed zijn op de waarde, maar niet apart tot uiting komen in de m2 prijs.

Conclusie: De door ons gebruikte methode geeft een meer realistische uitkomst om woningprijzen te vergelijken. Door grond en overige ruimtes apart te waarderen, daalt uiteraard de m2 prijs. Het verschil in m2 prijs is dan pas echt objectief te verklaren vanwege, locatie, bouwkwaliteit, staat van onderhoud en luxe afwerking en dergelijke.  

Nadelen? Ja die zijn er ook. Het kost ongeveer 15 minuten extra werk per woning.